Afgelopen maandagochtend begon mijn vierde schoolweek in Las Palmas, Gran Canaria. Hoewel ik het in de weken ervoor enorm naar mijn zin heb gehad, was gisteren alles ineens anders. Ik was beter uitgerust, zelfverzekerder over mijn Spaanse taalvaardigheden en ik had het gevoel alsof ik ‘geland’ was. Na ruim drie weken was het eindelijk zo ver: gevoelsmatig begon ik het Spaanse leven te omarmen.
Van alle eerdere keren dat ik in het buitenland ben geweest, weet ik dat het tijd kost om te wennen, routine te creëren en je ergens anders helemaal ‘thuis’ te voelen. In de weken ervoor ben ik dan ook veelvuldig op zoek geweest naar de juiste balans tussen nieuw en vertrouwd. De eerste paar dagen vormde dat geen enkele uitdaging omdat bijna alles vertrouwd was. Ik vertrok voor twaalf weken naar een stad waar ik in het (recente) verleden veelvuldig ben geweest. Ik boekte een zitplaats in het vliegtuig naast mijn familie en samen met hen bracht ik het grootste deel van de eerste paar dagen door. Het enige wat nieuw was, was mijn kamer in de residentie van de school en de Spaanse lessen die ik vlakbij zou gaan volgen. Maar in tegenstelling tot mijn ervaring in Barcelona (waar ik twaalf jaar geleden ook een Spaans cursus volgde) was alles op de Gran Canaria: School of Languages tot in de puntjes geregeld. De informatie die ik van te voren ontving was duidelijk en bleek te kloppen, ik werd uitgenodigd voor het maken van een schriftelijke en mondelinge toets om mijn niveau te bepalen en de lessen startten keurig op tijd. Van de hele Spaanse ‘manaña manaña cultuur’ was op school niets te merken, en als deze er al in dreigde te sluipen, dan was deze absoluut niet bestand tegen de Duitse punctualiteit. Want wat bleek? De oprichters en eigenaren van de school – die al sinds 1964 Spaanse lessen verzorgt – zijn van origine Duits. Geen wonder dat ik me vanaf dag één direct thuis voelde. Pas toen mijn familie, een paar dagen later, terug naar Nederland vertrok, stond ik er alleen voor en moest ik mijn draai zien te vinden. Veelvuldig greep ik terug op het bekende: in de supermarkt kocht in mijn vertrouwde groene ‘Granny’s’, zocht ik uit welk brood volkoren was en kocht ik zelfs exact dezelfde aioli als in Nederland. Als ik een vers broodje uit de supermarkt wilde halen, was er geen sprake van chaos, want iedereen trok keurig een nummertje en wachtte geduldig op zijn/haar beurt. Net als in Nederland kostten plastic zakjes hier ook geld en als ik geen idee had hoeveel geld ik moest betalen omdat de caissières de bedragen afratelden, keek ik gewoon op het scherm. Op en na school ging ik om met Nederlanders, Duitsers en Zwitsers, met wie ik veelvuldig Engels sprak, en de balans schoot door in het vertrouwde.
Vroeg of laat zou ik er echter toch aan moeten geloven. Ik was in Spanje – een andere cultuur – en niet alles zou van een leien dakje gaan. Van het begin af aan waren er dan ook al zaken die minder vloeiend verliepen. Allereerst deed ik de eerste paar dagen geen oog dicht. ’s Nachts was het warm, werd ik lek geprikt door muggen en – alsof dat nog niet reden genoeg was om mij wakker te houden – werd het vuilnisverzamelpunt (inclusief glas) dat zich vlak voor mijn raam bevond meerdere malen per nacht geleegd. Al snel moest ik een keuze maken: om het lawaai en de muggen buiten te sluiten, zou ik de vochtige warmte moeten binnensluiten. Sindsdien ben ik een wandelende prittstift, en plak ik vijf minuten na het douchen alweer overal aan vast, maar dat ben ik nog altijd liever dan een muggensnack. Ten tweede heb ik geleerd dat het in de meeste gevallen toch echt het beste is als je het bij de Spaanse keuken houdt. Cappuccino’s maken ze hier alleen voor de toeristen (en het is dus volgens mij onnodig om te zeggen dat dit absoluut geen Spaanse specialiteit is). Samen met mijn nieuwe vrienden bezocht ik tot twee keer toe een all-you-can-eat sushi restaurant. Los van de kwaliteit – die mijns inziens onvoldoende was, maar wellicht lag dat aan het restaurant – hebben de Spanjaarden niet helemaal begrepen dat het de bedoeling is om een sushigerechtje in één hap te eten. Niet alleen de porties, maar ook de sushigerechtjes zelf zijn hier gigantisch. In het tweede restaurant duurde het bijna twee uur voordat we de eerste ronde hadden verwerkt (en volgens mij is het ook hier onnodig om te zeggen dat we daarna geen tweede ronde meer hebben besteld). Als laatste probeerden we vorige week naar de bioscoop te gaan, maar keerden we twee uur later weer terug, zonder de film gezien te hebben. Hoewel we ruim op tijd bij de bioscoop arriveerden, vertelde de dame die de kaartjes verkocht ons dat de film twintig minuten geleden al begonnen was. We besloten te wachten op de volgende om uiteindelijk – net op tijd – tot de conclusie te komen dat deze in het Spaans was, en de originele Engelse versie gewoon op het door ons beoogde tijdstip was begonnen. Hoewel sommige van mijn nieuwe vrienden het vervelend vonden dat er sprake was geweest van een miscommunicatie en wensten dat ze de taal beter spraken, voelde ik me voor het eerst eindelijk een beetje Spaans. “No pasa nada.” Niets aan de hand, volgende keer beter.
En zo begin ik langzaam steeds beter te wennen. In de supermarkt knoop ik een kort praatje aan met de medewerker of word ik in het Spaans aangesproken door een andere klant. Iets minder nerveus schuif ik ’s ochtends aan bij het ontbijt op school – wetende dat studenten met een veel hoger niveau mij in het Spaans allerlei vragen zullen gaan stellen én mij vervolgens zullen verbeteren. Ik ga ’s avonds alleen eten bij een restaurant waar ik met mijn ouders regelmatig kom en weet dat ik opnieuw in het Spaans aangesproken ga worden. Een paar dagen geleden gaf de eigenaar van datzelfde restaurant mij zelfs zijn telefoonnummer en vertelde dat ik hem moest bellen als ik iets nodig had of zin had om een keer koffie te gaan drinken met zijn vrouw. Hoewel ik, als ik nerveus ben, niet veel verder kom dan “Qué tal?”, ben ik zeker van plan om dat in de komende paar weken een keer te doen. Ik kijk namelijk uit naar alle nieuwe dingen die ik nog kan leren en ontdekken en van heimwee is absoluut nog geen sprake. Mocht dat wel zo zijn, dan kan ik twee dingen doen. Ik maak braaf mijn huiswerk, kom op tijd en klamp mij vast aan de vertrouwdheid van de Duitse punctualiteit op school, of ik omarm het Spaanse leven, ga lekker naar het strand en bestel de zoveelste mojito. Waar mijn voorkeur naar uit gaat? Volgens mij hoef ik ook deze niet in te vullen. Salud!

